Hedayat “A fruitful harvest”
from the gardens of “ Verses and Hadiths ”
Inspiring Dawah cards that highlight the profound meanings of Quranic verses and Prophetic Hadiths. Presented in an accessible and engaging style to help Muslims gain a deeper understanding of their faith with ease.
About Hedayat
Hedayat is a platform that combines simplicity of design and ease of use
displaying the benefits derived from Verses and Hadiths in
attractive cards with unique designs.
Unique Designs
Cards with unique and attractive designs that express the content of the text
Reliable Materials
Scientifically reliable benefits reviewed by a group of scholars
Easy Browsing
You can browse the cards easily and display them effortlessly
Different Languages
Cards are available in more than 40 languages for the benefit of all
Ayat Cards
﴿ إِنَّهُمۡ عَنِ ٱلسَّمۡعِ لَمَعۡزُولُونَ ﴾
سورة الشعراءVoorwaar, het afluisteren van (de engelen) hun woorden was uitgesloten (d.m.v. vlammende sterren).
﴿ وَإِذۡ قَتَلۡتُمۡ نَفۡسٗا فَٱدَّٰرَٰءۡتُمۡ فِيهَاۖ وَٱللَّهُ مُخۡرِجٞ مَّا كُنتُمۡ تَكۡتُمُونَ ﴾
سورة البقرةEn (herinner je) toen jullie een man hadden gedood en je een ander daarvoor beschuldigden. Maar Allah liet alles zien wat jullie verborgen.
﴿ وَٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ وَعَمِلُواْ ٱلصَّٰلِحَٰتِ لَا نُكَلِّفُ نَفۡسًا إِلَّا وُسۡعَهَآ أُوْلَٰٓئِكَ أَصۡحَٰبُ ٱلۡجَنَّةِۖ هُمۡ فِيهَا خَٰلِدُونَ ﴾
سورة الأعرافMaar degenen die geloven en goede daden verrichten – Wij belasten niemand boven zijn vermogen, dat zijn de bewoners van het paradijs. Zij zullen daarin verblijven.
﴿ فَيُعَذِّبُهُ ٱللَّهُ ٱلۡعَذَابَ ٱلۡأَكۡبَرَ ﴾
سورة الغاشيةHem zal Allah bestraffen met de grootste bestraffing.
﴿ أَوَلَمۡ يَسِيرُواْ فِي ٱلۡأَرۡضِ فَيَنظُرُواْ كَيۡفَ كَانَ عَٰقِبَةُ ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلِهِمۡۚ كَانُوٓاْ أَشَدَّ مِنۡهُمۡ قُوَّةٗ وَأَثَارُواْ ٱلۡأَرۡضَ وَعَمَرُوهَآ أَكۡثَرَ مِمَّا عَمَرُوهَا وَجَآءَتۡهُمۡ رُسُلُهُم بِٱلۡبَيِّنَٰتِۖ فَمَا كَانَ ٱللَّهُ لِيَظۡلِمَهُمۡ وَلَٰكِن كَانُوٓاْ أَنفُسَهُمۡ يَظۡلِمُونَ ﴾
سورة الرومReizen zij niet over land en zien wat het einde is van degenen die vóór hen waren? Zij waren machtiger dan hen in kracht en zij bewerkten de aarde en bevolkten die in grotere aantallen dan deze (Qoeraysh) dat gedaan hebben, en tot hen kwamen hun boodschappers met duidelijke bewijzen. Zeker, Allah heeft hen geen onrecht aangedaan, maar zij hebben zichzelf onrecht aangedaan.
﴿ وَجِاْيٓءَ يَوۡمَئِذِۭ بِجَهَنَّمَۚ يَوۡمَئِذٖ يَتَذَكَّرُ ٱلۡإِنسَٰنُ وَأَنَّىٰ لَهُ ٱلذِّكۡرَىٰ ﴾
سورة الفجرEn op die dag zal de hel in de nabijheid worden gebracht. Op die dag zal de mens zich herinneren. Maar hoe zal de herinnering hem bevallen?
﴿ وَنَبِّئۡهُمۡ عَن ضَيۡفِ إِبۡرَٰهِيمَ ﴾
سورة الحجرEn vertel hen over de gasten van Ibraahiem.
﴿ وَعَادٗا وَثَمُودَاْ وَأَصۡحَٰبَ ٱلرَّسِّ وَقُرُونَۢا بَيۡنَ ذَٰلِكَ كَثِيرٗا ﴾
سورة الفرقانEn (ook) ‘Ad en Thamoed en de bewoners van Ar-Rass, en vele generaties daartussen.
﴿ وَإِنَّ ٱلَّذِينَ لَا يُؤۡمِنُونَ بِٱلۡأٓخِرَةِ عَنِ ٱلصِّرَٰطِ لَنَٰكِبُونَ ﴾
سورة المؤمنونEn waarlijk degenen die niet in het hiernamaals geloven, dwalen zeker af van het pad.
﴿ فَسَقَىٰ لَهُمَا ثُمَّ تَوَلَّىٰٓ إِلَى ٱلظِّلِّ فَقَالَ رَبِّ إِنِّي لِمَآ أَنزَلۡتَ إِلَيَّ مِنۡ خَيۡرٖ فَقِيرٞ ﴾
سورة القصصDus toen liet moesa (hun kudde) voor hen drinken, toen keerde hij in de schaduw terug en zei: “Mijn Heer! Waarlijk ik heb behoefte aan al het goede wat U mij geeft!”
Hadith Cards
'Abdullāh ibn 'Amr (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Er zal gezegd worden tot degene die de Koran toegewijd is: Lees, stijg en reciteer zoals jullie in de wereld plachten te reciteren. Je rang zal zijn bij het laatste vers dat je reciteert."
Overgeleverd door Aboe DawoedDe Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) deelde mee dat tot de recitant van de Koran, die ernaar handelt en zich eraan wijdt, in termen van recitatie en memorisatie, gezegd zal worden wanneer hij het Paradijs binnengaat: Lees de Koran en stijg daardoor op in de graden van het Paradijs. Reciteer op een weloverwogen en rustige manier zoals je gewend was te reciteren in het wereldse leven, want je rang zal liggen bij het laatste vers dat je reciteert.
Othman (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "De besten onder jullie zijn degenen die de Koran leren en aan anderen onderwijzen".
Overgeleverd door Al-BoekhariDe profeet, (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn), informeert dat de beste moslims en de hoogste van hen in de ogen van Allah is: hij die de Koran leert, reciteert, memoriseert, recitatie met regels, jurisprudentie ervan kent alsook de tafsier. En vervolgens zijn kennis van de wetenschappen van de Koran aan anderen onderewijst en daadwerlijk uitvoert.
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet ﷺ (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Maak jullie huizen niet tot graven, want de duivel vlucht weg uit het huis waarin Soera Al-Baqarah wordt gereciteerd."
Overgeleverd door MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) verbiedt het verwaarlozen van gebeden in huizen, zodat ze niet zoals graven worden waarin niet wordt gebeden. Vervolgens vertelde hij, moge Allah's zegeningen en vrede op hem zijn, dat de duivel afstand neemt van het huis waarin Surah Al-Baqarah wordt gereciteerd.
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde dat de profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: Allah de Verhevene zegt: 'Ik heb het gebed in tweeën verdeeld tussen Mij en Mijn dienaar, en voor Mijn dienaar is wat hij vraagt. Als Mijn dienaar zegt: {Alhamdoelillahi Rabbil 'Aalameen}, zegt Allah de Verhevene: Mijn dienaar heeft Mij geprezen. En als hij zegt: {Ar-Rahmaanir-Rahiim}, zegt Allah de Verhevene: Mijn dienaar heeft Mij verheerlijkt. En als hij zegt: {Maaliki Yawmid-Deen}, zegt Allah de Verhevene: Mijn dienaar heeft Mij groot verklaart - en Hij heeft ook gezegd: 'Hij heeft zich aan Mij toevertrouwd', en als hij zegt: {Iyyaaka Na'budu wa Iyyaaka Nasta'een}, zegt Hij: Dit is tussen Mij en Mijn dienaar, en voor Mijn dienaar is wat hij vraagt. En als hij zegt: {Ihdinas-Siraatal-Mustaqeem, Siraatal-Ladheena An'amta 'Alayhim Ghayril-Maghdoobi 'Alayhim wa Laa Ad-Daalleen}, zegt Hij: Dit is voor Mijn dienaar, en voor Mijn dienaar is wat hij vraagt.
Overgeleverd door MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) heeft overgeleverd dat Allah de Verhevene heeft gezegd in een Hadith Qoedsi: "Ik heb Soerat Al-Fatiha tussen Mij en Mijn dienaar in twee helften verdeeld, waarvan één helft voor Mij is en de andere helft voor Mijn dienaar. Het eerste deel ervan is lofprijzing, erkenning en verheerlijking van Allah, en de beste beloning komt Hem toe voor deze lof. Het tweede deel ervan is nederig smeken en smeekbede, waarop ik antwoord en hem geef waar hij om vraagt. Wanneer de aanbidder zegt: "{Alhamdulillahi Rabbil 'Aalameen}," zegt Allah: "Mijn dienaar heeft Mij geprezen." En als hij zegt: "{Ar-Rahmaanir-Rahiim}," zegt Allah: "Mijn dienaar heeft Mij geprezen en erkent Mijn algemene gunsten voor Mijn schepping." En als hij zegt: "{Maaliki Yawmid-Deen}," zegt Allah: "Mijn dienaar heeft Mij verheerlijkt," en dit is een ruime eer. Dus wanneer hij zegt: "{Iyyaaka Na'budu wa Iyyaaka Nasta'een}," zegt Allah: "Dit is tussen Mij en Mijn dienaar." Het eerste deel van deze vers is voor Allah, en dat is: "{Iyyaaka Na'budu}," wat het erkennen van Zijn Goddelijkheid inhoudt en een toewijding tot aanbidding. Hiermee eindigt het deel dat voor Allah is. Het tweede deel van het vers is voor de dienaar, en dat is: "{Iyyaaka Nasta'een}," wat het zoeken van hulp bij Allah betekent, en Hij belooft hulp te bieden. Dus wanneer hij zegt: "{Ihdinas-Siraatal-Mustaqeem*, Siraatal-Ladzeena An'amta 'Alayhim Ghayril-Maghdoobi 'Alayhim wa Laa Ad-Dzaalleen}," zegt Allah: "Dit is het smeekgebed en de smeekbede van Mijn dienaar, en voor Mijn dienaar is wat hij heeft gevraagd. En ik heb zijn smeekbede verhoord."
Ubayy ibn Ka'b (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "O Abu al-Mundhir, weet jij welk vers van het Boek van Allah dat jij hebt het grootste is?" Ik antwoordde: "Allah en Zijn Boodschapper weten dat het beste." Hij zei: "O Abu al-Mundhir, weet jij welk vers van Allah's Boek dat jij hebt het grootste is?" Ik zei: "Allah: niemand heeft het recht aanbeden te worden behalve Hij, de levende, de Onderhouder..." [Soera al-Baqarah: 255]." Daarop sloeg hij mij op de borst en zei: "Moge kennis aangenaam voor je zijn, O Abu al-Mundhir!"
Overgeleverd door MoeslimDe Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) vroeg Ubayy ibn Ka'b naar het grootste vers in Allah's Boek. Hij aarzelde eerst over het antwoord en zei toen: "Allah: niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve Hij, de Altijd Levende, de Onderhouder...} De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) was het met hem eens en sloeg hem op de borst, daarmee aangevend dat deze gevuld is met kennis en wijsheid. Hij smeekte ook dat deze kennis aangenaam en gemakkelijk voor hem zou zijn.
'Ā'ishah (moge Allah tevreden met haar zijn) rapporteerde: Een man kwam voor de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zitten en zei: "O Boodschapper van Allah, ik heb twee slaven die tegen me liegen, me bedriegen en me ongehoorzaam zijn, en ik scheld ze uit en sla ze. Wat is dan mijn zaak betreffende hen?" Hij zei: "De mate waarin zij jou hebben verraden, ongehoorzaam zijn geweest en tegen jou hebben gelogen zal worden afgemeten aan hoeveel jij hen straft. Als jouw bestraffing gelijk is aan hun zonden, dan zijn de twee gelijk, niets voor jou en niets tegen jou. Als jouw bestraffing groter is dan hun zonden, dan wordt een deel van jouw beloning van jou afgenomen en aan hen gegeven." De man vertrok en begon te wenen en hardop te huilen. De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Je zou moeten lezen wat Allah zegt in Zijn Boek: {Wij zullen de weegschaal van rechtvaardigheid plaatsen op de Dag der Opstanding, en geen ziel zal in het minst onrecht worden aangedaan. Zelfs al is een daad het gewicht van een mosterdzaadje, Wij zullen het voortbrengen. Wij zijn toereikend als Beleggers.} [Soera al-Anbiyā': 47]" Daarop zei de man: "Bij Allah, O Boodschapper van Allah, ik zie niets beters voor mijzelf en hen dan met hen te scheiden. Ik Getuig aan u dat zij allen vrij zijn."
Overgeleverd door At-TirmidhiEen man kwam naar de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) en klaagde over het slechte gedrag van zijn slaven, vermeldend dat ze tegen hem liegen, hem bedriegen en ongehoorzaam zijn aan zijn bevelen, terwijl hij hen vervloekt en disciplineert door hen te slaan. Dus vroeg hij de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) over zijn toestand op de Dag des Oordeels met betrekking tot hen. Als antwoord zei de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn): De mate waarin zij jou hebben verraden, ongehoorzaam zijn geweest en tegen jou hebben gelogen, zal worden afgemeten aan hoeveel jij hen hebt gestraft. Als hun zonden en jouw bestraffing evenredig zijn, dan komt jou of jou niets toe. Maar als jouw bestraffing groter is dan hun zonden, dan zul jij ter verantwoording worden geroepen en het meerdere zal van jouw goede daden worden genomen en aan hen worden gegeven. De man ging opzij en begon te huilen. Daarop zei de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) tegen hem: Heb jij het Boek van Allah niet gelezen: {Wij zullen de weegschaal van rechtvaardigheid plaatsen op de Dag der Opstanding, en geen ziel zal in het minst onrecht worden aangedaan. Zelfs al is een daad het gewicht van een mosterdzaadje, Wij zullen het voortbrengen. Wij zijn toereikend als roekelaars. [Soera al-Anbiyā': 47]. Niemand zal onrecht worden aangedaan op de Dag des Oordeels en de weegschaal zal de daden van de mensen rechtvaardig wegen. Dus zei de man: Bij Allah, O boodschapper van Allah, ik vind niets beter voor mij en hen dan hen te verlaten en afscheid van hen te nemen. Getuigt dat zij allen vrij zijn omwille van Allah, uit vrees voor de afrekening en de bestraffing.
Abu Sa'īd al-Khudri (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "De dood zal naar voren worden gebracht in de vorm van een zwart-witte ram. Iemand zal het volgende zeggen: O mensen van het Paradijs! Daarop zullen zij hun nekken strekken en goed kijken. De roeper zegt: 'Kennen jullie dit? Ze zullen zeggen: 'Ja, dit is de dood.' Dan hebben zij het allemaal gezien. Dan zal er weer worden aangekondigd: 'O mensen van het Hellevuur!' Zij zullen hun nekken uitstrekken en goed kijken. De oproeper zegt: 'Kennen jullie dit? Zij zullen zeggen: 'Ja, dit is de dood.' En dan hebben zij het allemaal gezien. Dan zal het gedood worden en de oproeper zal zeggen: 'O mensen van het Paradijs, eeuwigheid voor jullie en geen dood; O mensen van het Hellevuur, eeuwigheid voor jullie en geen dood.'" Toen reciteerde de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn): "Waarschuw hen voor de Dag van Berouw, waarop alle zaken beslist zullen worden, maar zij zijn achteloos" [Soera Mariyam: 39]. En de wereldse mensen zijn achteloos en geloven niet. [Soera Mariyam: 39]
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) wijst erop dat de dood op de Dag des Oordeels gebracht zal worden in de vorm van een schaap dat zwart en wit van kleur is. Dan zal het worden uitgeroepen: O mensen van het Paradijs! Zij zullen hun nekken strekken, hun hoofden optillen en goed kijken. Hij zal tot hen zeggen: Kennen jullie dit? Zij zullen antwoorden: Ja, dit is de dood. Ze hebben het allemaal gezien en gekend. Dan zal de oproeper roepen: O mensen van het hellevuur! Zij zullen hun nekken uitstrekken, hun hoofden optillen en goed kijken. Hij zal zeggen: Kennen jullie dit? Zij zullen antwoorden: Ja, dit is de dood. Ze zullen het allemaal gezien hebben. Dan zal het een slachting zijn en de oproeper zal zeggen: O mensen van het Paradijs, eeuwigheid en geen dood; O mensen van het Hellevuur, eeuwigheid en geen dood. Dit zal de gelukzaligheid van de gelovigen en de bestraffing van de ongelovigen vermeerderen. Toen reciteerde de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn): "Waarschuw hen voor de dag van spijt waarop alles beslist zal worden, maar zij zijn achteloos." Op de Dag des Oordeels zullen de mensen van het Paradijs gescheiden worden van de mensen van het Hellevuur, en ieder zal de plaats binnengaan waar hij voor eeuwig zal verblijven. Dus, de onrechtvaardige zal verdrietig zijn en spijt hebben dat hij niet goed deed, en degene die tekort schoot in het doen van goed zal spijt hebben dat hij niet meer deed.
'Ā'ishah (moge Allah tevreden met haar zijn) rapporteerde: De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) reciteerde dit vers: {Hij is Degene Die het Boek aan jou (o Mohammed) heeft neergezonden. Daarin staan Verzen die eenduidig zijn en die (tevens) de basis van het Boek zijn. En (daarin staan) andere (Verzen) die meerduidig zijn. Wat betreft degenen met een afwijking in hun harten: zij volgen daarvan datgene wat meerduidig is, strevende naar chaos (bij de mensen) en strevende naar verdraaiing (van de betekenissen). Maar niemand kent de ware betekenis ervan, behalve Allah. En degenen die verankerd zijn in kennis zeggen: “Wij geloven erin. Het geheel is (tot ons gekomen) van onze Heer.” En het zijn slechts de bezitters van verstand die er lering uit trekken.} [Soera Āl 'Imrān: 7]. Toen zei hij: "Als jullie degenen zien die de dubbelzinnige verzen volgen, dan zijn zij degenen die Allah heeft genoemd; pas dus op voor hen."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) reciteerde dit vers: {Hij is het Die jullie het Boek heeft neergezonden. Er staan duidelijke verzen in, die het fundament van het Boek zijn, terwijl andere verzen dubbelzinnig zijn. Degenen met een afwijkend hart volgen de dubbelzinnige verzen, zoeken tweedracht en zoeken hun interpretatie. Maar niemand kent hun uitleg behalve Allah. En degenen die goed op de hoogte zijn zeggen: "Wij geloven erin. Het is allemaal van onze Heer." Niemand zal er lering uit trekken, behalve mensen van begrip.} De Almachtige Allah deelt in dit vers mee dat Hij het is die de Koran naar Zijn gezant heeft neergezonden en dat er duidelijke verzen in staan die specifieke en eenduidige regels geven. En het bevat andere verzen die een aantal mogelijke betekenissen kunnen geven, waarover mensen in verwarring kunnen raken of ze kunnen denken dat er een tegenstrijdigheid is tussen een van die verzen en een ander vers. Dan wijst Allah erop hoe mensen met die verzen omgaan. Zij van wie de harten van de waarheid zijn afgedwaald, verlaten de duidelijke verzen en wenden zich tot de dubbelzinnige verzen en proberen zo misvattingen te creëren en mensen te misleiden. Maar zij die goed op de hoogte zijn, kennen de dubbelzinnige verzen en verwijzen ze naar de duidelijke verzen. Zij geloven erin en weten dat ze van de Almachtige Allah komen en niet verwarrend of tegenstrijdig kunnen zijn. Maar niemand herinnert zich dit of trekt er lering uit, behalve de mensen met een gezond verstand. Toen zei de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) tegen de moeder van de gelovigen 'Ā'ishah (moge Allah tevreden met haar zijn) dat als zij degenen zag die de dubbelzinnige verzen volgen, zij dan degenen zijn die door Allah genoemd worden in het vers dat luidt: Pas dus op voor hen en luister niet naar hen.
Ibn Mas'ūd (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De profeet ﷺ (vrede zij met hem) zei: "Degene die de laatste twee verzen van Soera Al-Baqarah reciteert in één nacht, zal voldoende beloning hebben."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe Profeet (vrede zij met hem) informeerde dat degene die de laatste twee verzen van Surah Al-Baqarah leest tijdens de nacht, dat Allah hem zal beschermen tegen kwaad en afkeurenswaardige zaken. Er wordt gezegd dat het beter is dan het verrichten van de Nachtgebeden (Qiyam al-Layl). Er wordt ook gezegd dat het beter is dan andere dagelijkse gebeden en er wordt gezegd dat het de minimaal aanvaardbare hoeveelheid is van het reciteren van de Koran tijdens het Nachtgebeden. Andere meningen zijn ook gegeven, maar het kan zijn dat alle genoemde betekenissen correct zijn en inbegrepen zijn in de uitspraak.
Abu Hurayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Het Uur zal niet komen voordat de zon opkomt vanuit het westen, en wanneer zij opkomt en de mensen haar zien, zullen zij allen geloven. Maar dat zal de tijd zijn waarin het geloof niet meer baat voor hen die voorheen niet geloofden, of voor hen die niet iets goeds deden door hun geloof" [Soera al-An'ām: 158]. Het Uur zal zeker komen, dat twee personen, die een kleed tussen zich in spreiden, niet in staat zullen zijn hun koopje af te maken, noch zullen zij in staat zijn het op te vouwen. Het Uur zal zeker komen wanneer een man de melk van zijn kameel draagt, maar niet in staat zal zijn om ervan te drinken. Het Uur zal zeker komen wanneer iemand niet in staat zal zijn om de tank klaar te maken om zijn vee daaruit water te geven. En het Uur zal zeker komen wanneer iemand van jullie zijn voedsel naar zijn mond heeft gebracht, maar het niet kan eten."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) vertelt dat een van de belangrijkste tekenen van het Uur is dat de zon vanuit het westen zal opkomen in plaats van het oosten, en wanneer de mensen het zien, zullen ze allemaal geloven. Op dat moment zal het geloof van een ongelovige hem niet baten, noch zullen de goede daden of berouw hem baten. Toen informeerde de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) dat het Uur zo abrupt zal komen dat de mensen druk bezig zullen zijn met hun levenszaken. Dus, het Uur zal komen wanneer een koper en een verkoper een kledingstuk tussen hen hebben uitgespreid, maar zij hun koopje niet kunnen afronden of het kledingstuk niet kunnen opvouwen. En het Uur zal komen waarop een man melk van zijn kameel neemt, maar er niet van kan drinken. En het Uur zal komen waarop iemand zijn waterreservoir repareert, maar zijn vee er geen water uit kan geven. En er zal een Uur komen waarop iemand een hap naar zijn mond brengt, maar er niet van kan eten.