





























Hadeeth Cards
Da'wa cards that highlight great meanings from the noble prophetic hadiths in a simple style and attractive display that helps the Muslim to have a deeper understanding of his religion in an easy way
All
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Verachtelijk is een man bij wie mijn naam wordt genoemd, maar die geen zegeningen voor mij uitspreekt. Verachtelijk is een man voor wie de maand Ramadan aanbreekt en weer eindigt zonder dat hem vergeving is geschonken. En verachtelijk is een man die zijn bejaarde ouders bij zich heeft, maar voor wie zij geen toegang tot het Paradijs zijn geworden."
Overgeleverd door At-Tirmidhi en AhmedDe Profeet (vrede zij met hem) sprak een vloek uit over drie groepen, die hun neus vernederd in het stof verdienen vanwege hun schande, verachting en verlies: De eerste groep is degene bij wie de Profeet (vrede zij met hem) wordt genoemd, maar die verzuimt om de vrede over hem uit te spreken met woorden als “vrede zij met hem” of iets dergelijks. De tweede groep is degene die de maand Ramadan beleeft en laat eindigen zonder dat hem vergeving is geschonken vanwege zijn tekortschieten in het verrichten van daden van gehoorzaamheid. De derde groep is een persoon die zijn ouders in hun ouderdom heeft bereikt, maar zij werden niet de oorzaak van zijn toegang tot het Paradijs, vanwege zijn gebrek aan respect en nalatigheid tegenover hen.
Al-Barā' (moge Allah tevreden met hem zijn) zei dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Er is geen moment waarop twee moslims elkaar ontmoeten en de hand schudden zonder dat hen de vergeving wordt geschonken voordat ze uit elkaar gaan."
Overgeleverd door Aboe Dawoed, At-Tirmidhi, Ibn Maja en AhmedDe profeet (vrede zij met hem) heeft ons verteld dat er geen twee moslims zijn die elkaar op straat of op een andere plaats tegenkomen, waarbij de één de ander begroet met een handdruk, zonder dat hen beiden vergeving wordt geschonken voordat ze hun lichaam of de handdruk beëindigen.
'Abdoellāh ibn 'Amr ibn al-'Ās (moge Allah tevreden met hen zijn) rapporteerde: Ik hoorde de Boodschapper van Allah (moge Allah Zijn vrede en zegeningen op hem zijn) zeggen: "Voorwaar, de harten van de kinderen van Adam bevinden zich tussen twee vingers van de Barmhartige, als één hart. Hij bestuurt het zoals Hij wil." Vervolgens zei de boodschapper van Allah, (vrede zij met hem): 'O Allah, Bestuurder van de harten, leid onze harten naar Uw gehoorzaamheid.'"
Overgeleverd door MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) heeft ons verteld dat de harten van de kinderen van Adam zich tussen de vingers van de Barmhartige bevinden, als één enkel hart. Hij bestuurt het zoals Hij wil: als Hij het wil, richt Hij het naar de waarheid en als Hij het wil, leidt Hij het af van de waarheid. Zijn bestuur over alle harten is als het bestuur over één hart, zonder dat Zijn aandacht voor de ene situatie wordt afgeleid door een andere. Vervolgens bad de profeet (vrede zij met hem) en zei: "O Allah, Bestuurder van de harten, U die de harten van de mensen soms naar gehoorzaamheid leidt en soms naar ongehoorzaamheid en soms naar herinnering en soms naar vergeetachtigheid, leid onze harten naar Uw gehoorzaamheid".
'Abdoellāh ibn Mas'oed (moge Allah tevreden zijn met hem) rapporteerde: "Ik hoorde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen: 'Moge Allah het gelaat van een persoon verfraaien die iets van ons hoort en het zo doorgeeft als hij het heeft gehoord; wellicht is de boodschapper van het bericht meer inzichtelijker dan degene die het heeft gehoord.'
Overgeleverd door At-Tirmidhi, Ibn Maja en AhmedDe profeet (vrede zij met hem) vroeg om verfraaiing, vreugde en schoonheid in dit leven en dat Allah hem zou leiden naar de schoonheid van het paradijs en zijn genot in het hiernamaals voor degene die zijn woorden hoorde, deze onthield en aan anderen doorgeeft. Soms kan degene die het bericht ontvangt, beter begrijpen en meer in staat zijn tot afleiding van kennis uit de hadith dan degene die het heeft overgebracht. De eerste persoon kan het bewaren en overdragen, terwijl de tweede persoon beter is in begrip en extraheren.
Aboe Moessa Al-Ash'ari, moge Allah tevreden zijn met hem, zei dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Voor de gelovige in het paradijs is er een tent van één enkele, holle parel, met een lengte van zestig mijl. Daarin heeft de gelovige gezellen en de gelovige zal om hen heen gaan, zonder dat zij elkaar zien."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) heeft gesproken over enkele van de geneugten van het paradijs en dat de gelovige een enorme, ruime tent heeft, gemaakt van één enkele, holle parel. De breedte en lengte ervan in de hemel zijn zestig mijl. In elke richting en hoek van de vier hoeken zijn er echtgenoten en zij zien elkaar niet, terwijl de gelovige om hen heen gaat.
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem ) zei: "Allah, de Verhevene en Gezegende, heeft gezegd: 'Ik heb voor Mijn rechtvaardige dienaren voorbereid wat geen oog heeft gezien, wat geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen". Aboe Hoerayra zei: "Lees: {Geen ziel weet welk vreugdevol genoegen voor hen verborgen is als beloning voor wat zij deden} [As-Sadjda:17].
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe Profeet (vrede zij met hem) heeft bericht dat Allah, de Verhevene en Gezegende, heeft gezegd: Ik heb, ter ere van Mijn rechtvaardige dienaren in het Paradijs, voorbereid wat geen oog ooit heeft aanschouwd, geen oor ooit heeft gehoord en wat nooit in het hart van een mens is opgekomen. Aboe Hoerayra, moge Allah tevreden zijn met hem, zei: "Lees, indien jullie willen: {Geen ziel weet welk vreugdevol genoegen voor hen verborgen is, als beloning voor wat zij hebben verricht} [As-Sadjda: 17]
Overgeleverd door Aboe Abdallah al-Djadali: Ik vroeg Aisha, de moeder der gelovigen, moge Allah tevreden zijn met haar, naar het karakter van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) en zij antwoordde: Hij was niet grof in zijn spreken, noch vulgair en hij was niet luidruchtig op de markten. Hij vergold kwaad niet met kwaad, maar hij vergaf en toonde verdraagzaamheid.
Overgeleverd door At-Tirmidhi en AhmedDe moeder der gelovigen, Aisha, moge Allah tevreden zijn met haar, werd gevraagd naar het karakter van de Profeet (vrede zij met hem) en zij antwoordde: Hij had geen neiging tot grofheid of lelijkheid in zijn woorden en daden, noch zocht hij opzettelijk het vulgaire op. Hij was geen luidruchtige die zijn stem in de markten verhief en hij vergold kwaad niet met kwaad, maar beloonde het met het goede. Hij vergaf in zijn hart en toonde uitwendig vergevingsgezindheid en wende zich ervan af."
Van Hani'e, de dienaar van Othman (moge Allah tevreden zijn met hem), zei: Othman huilde wanneer hij bij een graf stond, totdat zijn baard doorweekt raakte. "Men vroeg hem: Je herinnert je het Paradijs en het Vuur zonder te huilen, maar nu huil je hiervoor?" Hij antwoordde: 'De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Het graf is de eerste halte van de etappes van het Hiernamaals. Als men daaruit gered wordt, dan is alles daarna gemakkelijker; maar als men er niet aan ontsnapt, is wat daarop volgt nog zwaarder".
Overgeleverd door At-Tirmidi en Ibn MajaDe leider van de gelovigen, Othman ibn Affan (moge Allah tevreden zijn met hem), huilde wanneer hij bij een graf stond, totdat zijn tranen zijn baard doordrenkten. Men vroeg hem: Jij herinnert je het Paradijs en het Vuur en huilt niet van verlangen naar het Paradijs of uit vrees voor het Vuur, maar je huilt wel om het graf?' Hij antwoordde: 'De Profeet (vrede zij met hem) heeft ons verteld dat het graf de eerste halte is van de etappes van het Hiernamaals. Als men daarvan gered wordt, dan is alles wat daarna komt gemakkelijker. Maar als men niet ontsnapt aan de kwellingen ervan, dan is wat daarop volgt veel zwaarder dan wat men daarin ondergaat.
Overlevering van Bahz ibn Hakim, via zijn vader, via zijn grootvader: Ik zei: "O Boodschapper van Allah, wie is de meest rechtvaardige?" Hij antwoordde: "Jouw moeder, dan jouw moeder, dan jouw moeder en daarna jouw vader en vervolgens de naaste verwanten en dan de naaste verwanten".
Overgeleverd door Aboe Dawoed, At-Tirmidhi en AhmedDe Profeet (vrede zij met hem) heeft uiteengezet dat de eerste mensen die recht hebben op goede behandeling, vriendelijkheid, respectvolle omgang en warme sociale interactie, de moeder is. Hij heeft het recht van de moeder op de anderen drie keer herhaald om haar voortreffelijkheid boven alle anderen zonder uitzondering te benadrukken. Vervolgens zei hij, terwijl hij aangaf wie daarna in aanmerking komt voor goede behandeling: Dan de vader en daarna de naaste verwanten, waarbij geldt dat hoe dichterbij, des te meer recht zij hebben op verbinding dan degenen die verder weg zijn.