





























Hadeeth Cards
Da'wa cards that highlight great meanings from the noble prophetic hadiths in a simple style and attractive display that helps the Muslim to have a deeper understanding of his religion in an easy way
All
Van Abdoellah ibn Mas'oed (moge Allah tevreden zijn met hem heeft gezegd dat de boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "De eerste zaak waarover op de Dag des Oordeels zal worden geoordeeld, is het vergieten van bloed".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem), vermeldde dat het eerste waarover tussen mensen zal worden geoordeeld op de Dag des Oordeels met betrekking tot onrecht tegenover elkaar, betreft het vergieten van bloed, zoals moord en verwondingen.
Ibn 'Abbās (moge Allah tevreden zijn met hen ) rapporteerde: De profeet (vrede zij met hem) passeerde naast twee graven en zei: ' Zij worden beiden bestraft, maar ze worden niet bestraft vanwege iets groots. Wat de ene betreft, hij hield zich niet in als hij urineerde, en wat de andere betreft, hij pleegde laster.' Toen nam hij een vochtige tak, spleet deze in tweeën en plantte er een in elk graf. Ze vroegen: 'O boodschapper van Allah, waarom heb je dit gedaan?' Hij antwoordde: 'Misschien zal het hun bestraffing verlichten, zolang ze niet zijn opgedroogd.'"
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) passeerde twee graven en zei: Voorwaar, de bewoners van deze twee graven worden bestraft, en zij worden bestraft vanwege iets dat niet groots is in jullie ogen, hoewel het groot is bij Allah. Eén van hen bekommerde zich niet om het behoud van zijn lichaam en kleding tegen urine wanneer hij zijn behoeften verrichtte, En de andere persoon liep rond met roddels onder de mensen, met de bedoeling om schade te berokkenen en verdeeldheid en vijandigheid te zaaien tussen mensen .
Annas (moge Allah tevreden zijn met hem ) zei: Een man vroeg de profeet (vrede zij met hem) naar het tijdstip van het Laatste Uur. De profeet antwoordde: "En wat heb je daarvoor voorbereid?" De man zei: "Niets, behalve dat ik van Allah en zijn boodschapper houd." De profeet (vrede zij met hem) zei toen: "Je zult zijn bij degenen van wie je houdt." Annas zei: "Wij zijn nooit zo blij geweest om iets als om de woorden van de profeet (vrede zij met hem): 'Je zult zijn bij degenen van wie je houdt.'" Annas vervolgde: "Ik houd van de profeet (vrede zij met hem), Aboe Bakr en Omar, en ik hoop dat ik met hen zal zijn vanwege mijn liefde voor hen, zelfs als mijn daden niet gelijk zijn aan die van hen.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimEen Arabiere man die in de woestijn woonde vroeg aan de profeet (vrede zij met hem): "Wanneer is het uur van de Dag des Oordeels?" De profeet (vrede zij met hem) zei tegen hem: "En wat heb je voorbereid voor die tijd met goede daden?" De man antwoordde: "Ik heb geen grootschalige daden voorbereid behalve dat ik van Allah en Zijn boodschapper houd." Hij noemde geen andere vormen van aanbidding, hetzij van het hart, het lichaam of materieel, omdat zij allemaal vertakkingen zijn van de liefde die daardoor worden aangemoedigd, en omdat oprechte liefde een bron is van ijver voor goede daden. De profeet (vrede zij met hem) zei tegen hem: "Jij zult zijn bij degenen van wie je houdt in het paradijs." De metgezellen van de profeet (vrede zij met hem) waren buitengewoon blij met dit goede nieuws. Toen vertelde Annas (moge Allah tevreden zijn met hem ) dat hij van de profeet (vrede zij met hem) houdt, evenals van Aboe Bakr en Omar, en hij hoopt bij hen te zijn, zelfs als zijn daden niet zo zijn als die van hen.
Van Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: "De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Zal ik jullie informeren over een verhaal met betrekking tot de Dajjal (antichrist) zoals geen profeet zijn volk ooit heeft geïnformeerd? Hij is eenoog, maar jullie Heer is niet eenoog, met aan zijn zijde een paradijs en een hel. Wat hij de hel noemt, zal in feite het paradijs zijn. Ik waarschuw jullie voor hem zoals Noeh zijn volk waarschuwde".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) informeerde zijn metgezellen over de Dajjal, zijn kenmerken en tekenen op een manier die geen enkele profeet vóór hem had verteld. Enkele van die kenmerken zijn: Hij heeft een blinde oog. Allah heeft met hem het equivalent van het paradijs en de hel gemaakt, zoals gezien door de waarneming van het oog. Maar zijn paradijs is in werkelijkheid een hel, en zijn hel is een paradijs. Hij zal degene die hem gehoorzaamt deze schijnbare paradijselijke staat binnenleiden, terwijl het in werkelijkheid een brandende hel is. En hij zal degene die hem ongehoorzaam is in deze wereld een hel binnenvoeren, terwijl het in werkelijkheid een prachtig paradijs is. Vervolgens waarschuwde de profeet (vrede zij met hem) ons voor zijn beproevingen, net zoals Noeh zijn volk had gewaarschuwd.
Overgeleverd door Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem) dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "De profeet (vrede zij met hem) zei: "Een persoon volgt de religie van zijn goede vriend, dus laat eenieder van jullie zorgvuldig kiezen wie hij als vriend neemt."
Overgeleverd door Aboe Dawoed, At-Tirmidhi en AhmedDe profeet (vrede zij met hem) verduidelijkte dat een persoon de gewoonten en karaktereigenschappen van zijn oprechte vrienden zal overnemen. Vriendschap heeft invloed op moraliteit, gedrag en handelingen. Daarom adviseerde hij om zorgvuldig te kiezen met wie men bevriend raakt, omdat een goede vriend zijn metgezel leidt naar geloof, leiding en goedheid, en een hulp voor hem zal zijn.
Van Aboe Hoerayra, moge Allah tevreden zijnover hem, zei; dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Haast je om goede daden te verrichten, want de verleidingen zijn als de duisternis van de nacht. Een persoon kan als gelovige ontwaken en als ongelovige eindigen, of als gelovige inslapen en als ongelovige ontwaken. Hij kan zijn geloof verkwanselen voor een kleinigheid van deze wereld."
Overgeleverd door MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) spoort de gelovige aan om zich te haasten en veel goede daden te verrichten voordat het moeilijk wordt om dit te doen, en voordat ze worden verhinderd door de komst van beproevingen en twijfels die hen afschrikken en hen beletten. Deze beproevingen zijn als de duisternis van de nacht, waarin waarheid en valsheid vermengd zijn, waardoor het voor mensen moeilijk wordt om ze van elkaar te onderscheiden. Vanwege hun intensiteit kan een persoon in verwarring raken, waarbij hij 's ochtends gelovig wordt en' s avonds ongelovig, of 's avonds gelovig wordt en 's ochtends ongelovig. Hij zal zijn religie verlaten voor een voorbijgaand werelds gewin.
Van Zainab bint Djahsh (moge Allah tevreden zijn met haar ), dat de profeet (vrede zij met hem) bij haar binnenkwam terwijl hij verontrust was, zeggend: "Er is geen god dan Allah! Wee de Arabieren vanwege een naderend kwaad. Vandaag zijn de barrières van Ya'juj en Ma'juj geopend zoals deze." Hij haakte met zijn duim en die daarna kwam. Zainab bint Djahsh zei: "O boodschapper van Allah, zullen wij worden vernietigd terwijl er onder ons rechtvaardigen zijn?" Hij zei: "Ja, als het kwaad overvloedig wordt."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) ging angstig de kamer van Zaynab bint Djahsh binnen, terwijl hij zei: "Er is geen god dan Allah," als een teken van voorbereiding op naderend onheil. Er is geen redding van dit onheil behalve door toevlucht te zoeken bij Allah de Verhevene. Vervolgens zei hij (vrede zij met hem): Wee de Arabieren vanwege het naderende kwaad dat op het punt staat te gebeuren. Vandaag is er een opening gemaakt in de dam van Ya'juj en Ma'juj, de dam die Dhoel-Qarnayn heeft gebouwd, die eruit ziet als deze," terwijl hij zijn duim en de vinger daarnaast samenbracht. Zaynab (moge Allah tevreden zijn met haar) vroeg: "Hoe kan Allah ons vernietigen terwijl er onder ons gelovige en vrome mensen zijn?" De profeet (vrede zij met hem) antwoordde: "Als de verdorvenheid toeneemt door zedeloosheid, immoraliteit, zonden, overspel, alcohol en andere zaken, dan zal vernietiging alles en iedereen omvatten."
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft gezegd: De profeet (vrede zij met hem) zei: "De beproeving blijft aanhouden voor de gelovige man en vrouw, in henzelf, hun kinderen en hun bezittingen, totdat zij Allah ontmoeten zonder dat er zonden overblijven."
Overgeleverd door At-Tirmidhi en AhmedDe profeet (vrede zij met hem) vertelt ons dat beproevingen en tests voortdurend aanwezig zijn in het leven van de gelovige man en vrouw. Dit kan zich manifesteren in hun gezondheid, ziekte, overlijden, ongehoorzaamheid, of in hun bezittingen door armoede, verlies van handel, diefstal, of beperkingen in levensonderhoud. Deze beproevingen blijven bestaan totdat Allah hen zuivert van alle zonden en fouten wanneer zij Hem ontmoeten.
Het is geleverd van Hoedayfa (moge Allah tevreden zijn met hem ) dat de boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: Zeg niet: 'Wat Allah wilde en wat die persoon wilde,' maar zeg: 'Wat Allah wilde en vervolgens wat die persoon wilde.
Overgeleverd door Aboe Dawoed, An-Nasa'i in al-Kubra en AhmedDe profeet (vrede zij met hem), verbood een moslim te zeggen in zijn gesprek: 'Wat Allah wilde en wat die persoon wilde.'" Of 'Wat Allah wilde' en 'die persoon wilde. Dit komt doordat de wil van Allah absoluut en onafhankelijk is, en niemand deelt daarin. In het gebruik van het verbindingswoord ('و' en) in deze context is er een impliciete notie van deelname van iemand naast Allah en een gelijkstelling tussen hen. Maar men zegt: "Wat Allah wilde, en dan wilde die persoon." In dit geval maakt het woord ('ثم' dan) de wil van de dienaar afhankelijk van de wil van Allah, in plaats van het verbindingswoord ('و' en), omdat ( 'ثم' dan) een gevoel van volgorde en vertraging aanduidt.